
Zonder computer geen World Trade Center
De wereldberoemde architect Daniel Libeskind laat zien hoe de computer architectuur stuurt
<drupal-entity data-embed-button="afbeelding" data-entity-embed-display="entity_reference:media_thumbnail" data-entity-embed-display-settings="{"image_style":"liggend","image_link":""}" data-entity-type="media" data-entity-uuid="1c8f3ce0-e844-4ab9-a721-0aff4814a378"></drupal-entity>
<drupal-entity data-embed-button="afbeelding" data-entity-embed-display="entity_reference:media_thumbnail" data-entity-embed-display-settings="{"image_style":"liggend","image_link":""}" data-entity-type="media" data-entity-uuid="105c74f2-f8f1-4187-afaa-0b4ea99c92f9"></drupal-entity>
Studio Daniel Libeskind ligt op een steenworp afstand van het World Trade Center in New York. Van daaruit hebben ze goed zicht op de realisatie van hun masterplan dat de studio voor het kaalgeslagen gebied maakte. Een precaire klus omdat nabestaanden, stadsbestuur, de president en zelfs de rest van de wereld op deze symbolische plek niet snel iets goed genoeg vonden. Libeskind tekende het framework voor de twee verdiepte dozen voor het 9/11 memorial van architect Michael Arad, de prachtige lichte metrohal PATH van architect Calatrava, terwijl door BIG Bjarke Ingels op het moment de laatste tekeningen worden gemaakt voor de laatste toren, tegenover zijn eigen toren 1 World Trade Center.
Waarom Libeskind? De in Amerika geboren jood heeft een palmares waarop vele gevoelige processen zoals de herbouw van Ground Zero staan. Zijn beroemdste gebouw is het Joods Historisch Museum in Berlijn. In Amsterdam werkt hij aan het Namenmonument aan de Weesperstraat in Amsterdam. Het bestaat uit vier blokken met muren waarop de namen van alle 102 duizend Nederlandse holocaustslachtoffers staan. Nederland is met dat aantal het zwaarst getroffen land. De namen worden met lasertechniek in de muurstenen gebrand. Onderaan de wanden komt een randje voor bloemen. Gevoeligheid: er is al een Joods monument dat voor dit nieuwe monument moet wijken. Als iemand daar zorgvuldig mee om kan gaan is het Libeskind. Neem ook de namen op het 9/11 memorial. Op de randen van de twee verdiepte plattegronden van de WTC-torens staan de namen van de mensen die zijn omgekomen. Niet in alfabet, niet op leeftijd, maar hoe dan? Libeskind legt uit dat betrokken is gevraagd naar de relaties die elk slachtoffer had. Zo staan de namen van twee werknemers die al 30 jaar naast elkaar zaten ook naast elkaar op het monument, en worden een man en vrouw met verschillende achternamen toch naast elkaar herdacht. Naast ieder naam zie je een opening. Daarin gaat op iedere verjaardag een roos voor de jarige.
Alhoewel Libeskind pas op zijn 52e zijn eerste gebouw mocht maken, was dat toch voor de intrede van de computer. “In het Joods museum zitten meer dan 1000 verschillende ramen, allemaal met de hand getekend met de technische tekenpen op kalkpapier.” Je kan wel nagaan hoeveel dat zowel de architect als de aannemer gekost heeft. Omdat het nogal duurde, was bij de oplevering in 2001 het gebruik van computers heel normaal. “Tentoonstellingsmakers vroegen ons om de 3D tekeningen van het gebouw zodat ze daar op verder konden gaan. Dan moesten we ze een rolletje papier sturen.”
Techniek stuurt architectuur
Voor Studio Libeskind is CAD (Computer Aided Design) bepalend. Kritieken die op zijn werk geleverd werden waren bijvoorbeeld dat het niet uitvoerbaar is en onnodig assertief. Zijn vormtaal zou beperkt zijn, wat tegelijkertijd maakt dat zijn gebouwen heel herkenbaar zijn. Je zou zijn werk kunnen omschrijven als deconstructivisme (een stroming waarin alle functies zichtbaar zijn, waarvan het Centre Pompidou waar de installaties en draagconstructie tot gevel verheven zijn als hoogtepunt. Het andere uiterste van het omschrijven van zijn vaak spitse hoeken en spiegelende vlakken is die van een ontplofte ijsberg. “Wij werken al met complexe vormen en rijke variatie voordat er computers waren. Deze architectuur zou zonder CAD veel te duur zijn. Onbetaalbaar qua handwerk van de architect en tijd van de aannemer die het gebouw uiteindelijk terplekke in de lucht moet uitzetten. Nu haalt hij een coordinaat van een balkonvloer uit het 3D-model, zoekt met een handheld GPS dat punt op en zet met een touw de lijnen uit. Zo kan ieder balkon uniek zijn zonder dat het onevenredig meer kost. “CAD has been pushing our minds. We starten nu met een 3D model, de plattegronden volgen pas veel later uit dat model”, zegt Architect-partner Carla Swickerath. “De snelle manier van visualiseren maakt dat we tijd hebben voor experiment en een idee op meerdere manieren kunnen uitwerken om tot een beter resultaat te komen. De computer maakt wat onmogelijk was mogelijk. Dat is de invloed van CAD, 3D en BIM op de gebouwde omgeving.
HP Z2 Mini desktop
Enter Hewlett-Packard. De maker van de strak vormgegeven Z2 Mini desktop zag in de experimenterende architect een boegbeeld, en niet alleen omdat de kast van de computer zwart is. Bij de oscars en andere mediaprijzen is 80% van de winnende films gemaakt op een HP, wat aangeeft dat HP de grootste is onder de creatieve desktops voor het zwaardere werk. Dus gaf HP zijn kleinste doosje aan de architect waarvan ze dachten dat die de meeste rekenkracht nodig zou hebben. Studio Libeskind kreeg een aantal prototypes met de boodschap “Kijk maar of je ze kapot krijgt.” Ze hebben het geprobeerd, alle apps inclusief CAD, Rhino en Revit tegelijk aan en er dan tussen switchen. De Z2 wilde niet crashen. Niks mis met de processor dus, maar er zijn meer voordelen. Door innovatie aan de grootte van de grafische kaart is het kastje nu zo groot als een dikke tablet. Dat maakt dat hij achter je scherm opgehangen kan worden en niet meer stof vangt onder je bureau. Hij is fluisterstil ook als hij hard werkt, en doordat de ventilatoren niet zo hard draaien maakt hij ook een stuk minder warmte. Op de achtergrond in Studio Libeskind zien we the man himself het voordeel in de praktijk brengen. Hij schuift even aan bij een bureau om mee te kijken. Het bureau kan steeds kleiner en socialer, en de kleine Z2 Mini maakt het ook voor animatiebureau’s, filmeditors, gamedesigners en dus architecten mogelijk.




