
Stroom steeds 'groener'? Nee, juist steeds bruiner
De Nederlandse energiebedrijven gebruiken meer steenkolen om elektriciteit op te wekken en stoten dus meer broeikasgassen uit.
Dat blijkt uit de jaarlijkse stroomranking die verscheidene consumenten- en milieuorganisaties jaarlijks opstellen. "Goedkope kolen zijn debet aan deze ontwikkeling", stellen de organisaties. Daardoor is het voor de energiebedrijven aantrekkelijker om de elektriciteit op te wekken met steenkolen en gascentrales juist uit te zetten.
De totale productie van hernieuwbare elektriciteit bedroeg vorig jaar 11,7 miljard kWh. Dat is ongeveer 10 procent van de totale stroombehoefte. De duurzame stroom is voornamelijk afkomstig van wind en biomassa.
Negatieve milieu-impact
Volgens de maatschappelijke organisaties maken de stroombedrijven vaak mooie sier met groene projecten, zoals de bouw van windmolenparken. "Maar die positieve inspanningen moeten wél worden gewogen ten opzichte van andere activiteiten die vaak een veel grotere negatieve milieu-impact hebben en daarom graag aan het zicht van de consument worden onttrokken."
De vijf grote energiebedrijven, die samen goed zijn voor 75 tot 80 procent van de Nederlandse elektriciteitsvoorziening, scoren op dat vlak niet goed. Met name partijen als E.ON (4,8), Nuon (3,9) en RWE/Essent (3,0) doen het bijzonder slecht en halen een nog lager cijfer dan voorheen.
Van de grote energiebedrijven doet Eneco het met een 6,2 het beste, al scoort het bedrijf wel lager dan in voorgaande jaren. De leveranciers met de hoogste scores zijn volgens het onderzoek (pdf): DE Unie, Pure Energie en Qurrent. Zij scoren alle drie een tien.