
Een verbrande nek is bodyart en souvenirs zijn relikwieën
Joëlle Linden zet toeristen treffend neer als een migrerende stam. Ze laat zien dat we minder origineel en individualistisch op vakantie gaan dan we denken.
Of je nu het meest tot rust komt aan het zwembad van een all-inclusive resort of liever met een rugzak de ongebaande paden verkent, als toerist hebben we een hoop dingen gemeen. Toegegeven, ook ik heb foto's van mezelf voor de Eiffeltoren, bij een Thaise tempel en op Times Square. Met mij hebben miljoenen mensen hetzelfde plaatje geschoten.
Volgens ontwerper Joëlle Linden gedragen wij toeristen ons zó hetzelfde, dat we lijken op een 300 jaar oude en globale, migrerende stam. Een stam van mensen die geëvolueerd is van ontdekkingsreiziger, op zoek naar het onbekende, tot toeschouwers die reizen om precies te vinden wat ze hadden verwacht. En bovenal: om dat vast te leggen.
Linden deed voor haar afstuderen aan de Design Academy in Eindhoven uitgebreid onderzoek naar de toeristenstam. Ze vergeleek hun symbolen, rituelen en ambachten met die van andere stammen en vond niet veel verschillen. De patronen van door zon verbrande huid zijn een vorm van bodyart, de verzamelde souvenirs lijken op relikwieën en de drang om foto's te maken is het stamritueel.
Als je het zo bekijkt, zijn toeristen volgens Linden meer authentiek en uniform in hun gedrag dan de culturen die ze bezoeken. Dus waarom zou je de toerist niet als bezienswaardigheid op de markt zetten? Met eigen souvenirs en een identiteit die duidelijk te verkopen is.
Dat is precies wat Linden deed. Naast een kraampje met kleine relikwieën zijn vooral de boeken waarin ze deze nieuwe stam omschrijft pijnlijk hilarisch. De voorbeelden van zonnebrand als tribal art zijn het meest treffend, van gestippelde Crocs-patronen op voeten tot T-shirt tans.





