
Sex and the Server: Borsten
Harries, grote jannen, bumpers, koplampen, memmen, voorgevels, bossen hout voor de deur, hoeveel borsten kan internet eigenlijk verdragen?
De Britse Sam Cooke, wie kent haar niet, is uitgeroepen tot de vrouw met de mooiste borsten van Engeland.
Vroeger kwam ik die borstenplaatjes vooral tegen op de garage als ik mijn rammelbak wegbracht voor de apk. Dan hingen ze tussen de autobanden en het gereedschap aan de muur, vergeeld van de rook en de vieze vingers die er aan hadden gezeten. Tegenwoordig is internet die garage geworden en barst het net bijna uit zijn voegen van alle al dan niet met siliconen gevulde boobs en hooters. Sommigen zo klein dat je je afvraagt of ze hun naam eigenlijk wel verdienen, anderen zo groot dat je niet eens ziet van wie ze zijn. Veel staan er natuurlijk in meervoud op zoals de duur verzekerde giganten van Dolly Parton of de joekels die wijlen Anna Nicole Smith beroemd maakten. Het zal me trouwens niets verbazen als die van mij ook ergens zijn te vinden.
Maar hoe mooi of bijzonder al die borsten ook zijn, veel zijn het er wel. Op de wereld wonen zo’n drie miljard vrouwen, hoeveel borsten zouden er op internet staan? Zes miljard? Internet slibt bijna dicht door al die memmen, grote jannen, bumpers, koplampen, harries, bossen hout voor de deur en voorgevels. Misschien is het wel tijd voor borstenbeleid. Regels waardoor er alleen nog maar foto’s van bescheiden A-cups online mogen worden gezet bijvoorbeeld, om de balans met die enorme pornoprammen een beetje te herstellen. Of alleen maar afbeeldingen van tepels die aan roze schuimpjes doen denken in plaats van aan geplette poffertjes.
Ik zie het al voor me: wil je op een of andere fotosite je net geïmplanteerde C-cup aan de wereld tonen, komt er een melding: 'Sorry, op deze site is geen plaats meer voor siliconen.' Of je wilt net je MySpace account pimpen met die topless vakantiekiekjes, krijg je de boodschap dat de borstenserver vol is. Ik vind het eigenlijk wel een goeie: 'Sorry, maar vol is vol. Probeert u het later nog eens.'