©Bright

Duurtest Ford Capri: conclusie – helemaal geen gekke keuze
Onze autotester Rutger reed vier weken en een paar duizend kilometers met de Ford Capri. Het was een reis die begon met scepsis en een anonieme, zwarte auto, maar die eindigde met een lange rit naar Keulen in een knalblauw exemplaar dat het oordeel een wending gaf. Tijd voor de eindafrekening.
De kleur van een auto is geen detail, het is essentieel. Vlak voor het einde van de duurtest bood Ford me de kans om onze duurtester Capri in te ruilen. Van een zwarte naar een blauwe. Niet de gele die ik eigenlijk had gewild, maar toch een upgrade. De overstap van de zwarte naar de blauwe Capri was als het licht aandoen in een donkere kamer. Waar het zwart de lijnen opslokte en de auto reduceerde tot een wat anonieme verschijning, liet het blauw hem leven. Ineens had de auto karakter, een eigen smoel. De design-knipogen waar ik in deel drie zo kritisch over was, kregen plotseling wat betekenis. Het is nog steeds geen klassieke schoonheid, maar hij is interessant. En in het huidige autolandschap is dat misschien wel meer waard.
Zijn roeping gevonden op de Autobahn
Die openbaring kwam op het perfecte moment: vlak voor een lange rit naar Keulen. En daar, op de Duitse Autobahn, vond de Capri zijn ware roeping. De kritiek die ik had op zijn rijgedrag op Nederlandse provinciale wegen – het gebrek aan feedback, het wat afstandelijke stuurgevoel – verdween als sneeuw voor de zon. Op hoge, constante snelheid wil je namelijk helemaal geen inspirerende feedback. Je wilt rust. Je wilt niet eens merken dat je in een auto zit. Dat is precies wat de Capri levert. Hij is een sublieme, comfortabele en stille kilometervreter. Een relaxte cruiser pur sang.
Met een 77 kWh-accu en een zeer schappelijk praktijkverbruik kwam ik erachter dat een actieradius van ruim 400 kilometer op de snelweg prima haalbaar is. De rit naar Keulen had ik zonder laadstop kunnen doen. Dat geeft het gevoel van vrijheid dat je nodig hebt voor zorgeloze lange afstanden.
De vloek van slechte software
Toch was de rit niet perfect. Er is een digitale ergernis die in deze auto huist: de overactieve lane assist. Net als bij zijn neven op hetzelfde Volkswagen-platform, is het systeem constant aan het zeuren. Op kaarsrechte stukken weg wil de auto elke dertig seconden een rukje aan het stuur voelen om te weten dat je er nog bent. Het dwingt je om onnatuurlijke stuurbewegingen te maken in een auto die juist perfect rechtdoor wil. Knap irritant.
Ja, je kunt het met een paar tikken op het scherm uitschakelen. Maar dat moet elke rit opnieuw. En waarom zou je betalen voor een veiligheidssysteem dat zo beroerd is afgesteld dat je het liever uitzet? Het is wonderlijk dat dit softwareprobleem al maanden bekend is binnen de VW-groep, maar nog steeds aanwezig is.
Conclusie
En zo komen we bij het eindoordeel. Vier weken lang heb ik alle kanten van de Capri leren kennen. De praktische pluspunten, zoals de enorme binnenruimte. De irritaties, zoals het gebrek aan fysieke knoppen en die lane assist. De anonieme eerste indruk en de karaktervolle tweede.
Deze kast paste niet achterin een BMW E39 5-serie
De Ford Capri is geen auto voor iedereen. Maar hij is perfect voor de pragmatische EV-leaser die eens wat anders wil. Die een auto zoekt met een eigen smoel, die je niet op elke straathoek ziet. Iemand die vooral comfort en een grote actieradius voor lange afstanden zoekt en de wat minder inspirerende rijeigenschappen op binnenwegen voor lief neemt.
En de naam? Daar blijf ik bij. Het is een last uit het verleden die deze moderne, competente auto niet nodig heeft. Ford had hem beter een nieuwe identiteit kunnen geven.
Maar wat als je buurman twijfelt? De Volkswagen ID.5 is inwisselbaar en simpelweg saaier. De Hyundai Ioniq 6 is objectief misschien fraaier, maar ook minder praktisch. En de Tesla Model Y? Dat is anno 2025 door alle perikelen rondom het bedrijf een steeds complexere keuze. En dan staat daar ineens de Ford Capri. In het juiste kleurtje. Een ruime, comfortabele, efficiënte EV met een eigenzinnig karakter. Opeens is het dan helemaal geen gekke keuze. Sterker nog, het is best een goede kandidaat.
Rutger test elke maand een andere auto, volg het in de Bright Duurtest.