© Universal Pictures International

Commentaar: “AI-investeringen zijn weggegooid geld”
Hoe heftiger de hype, des te zwaarder het tegenwicht.
Sinds de verschijning van ChatGPT eind 2022 heeft generatieve AI grote stappen gezet. De modellen zijn beter geworden en de hype kan bijna niet heviger. Silicon Valley heeft de smaak te pakken en mikt inmiddels zelfs op superintelligentie, gesteund door miljarden aan investeringen; in de eerste helft van 2025 bijna 50 miljard dollar, meer dan heel 2024 en het dubbele van 2023. Het is een trein die niet kan stoppen.
Bubbel?
Nou, niet zo snel. Zonder de ontwikkelingen te kort te doen of meteen te haten, is wat tegenwicht en nuance op zijn plaats. Zoals het recente rapport State of AI in Business 2025 van MIT. Dat concludeert dat de investeringen in AI die bedrijven doen in liefst 95 procent van de gevallen niets oplevert.
Tools als ChatGPT verhogen vooral individuele productiviteit en hebben nagenoeg geen effect op de verlies- en winstrekening. De belangrijkste reden hiervoor volgens het rapport is dat GenAI onvoldoende in staat is te leren. “De meeste GenAI systemen verwerken geen feedback, passen zich niet aan de context en verbeteren na verloop van tijd niet of te weinig.” Dat doen mensen nog steeds beter.
Innovatie ≠ adaptie
Dat het niet zo’n vaart zal lopen met de voorspellingen dat AI al onze banen zal overnemen bevestigt ook hoogleraar arbeidseconomie Anna Salomons tegen De Correspondent. “Het effect op de economie was nul”, zegt zij over een recent Deens rapport onder 25 duizend werknemers, zevenduizend bedrijven en elf beroepen die te maken hebben met chatbots.
Volgens Salomons zal AI pas op den duur de economie fundamenteel veranderen. “De transformatieve impact zit ’m niet in dat we makkelijker informatie kunnen opzoeken of ineens zelf grafieken kunnen maken. Nee, echte verandering vereist nieuwe productieprocessen, nieuwe goederen, nieuwe diensten en een ander type werknemer met andere vaardigheden. Dat duurt meestal veel langer.” Of zoals futurist Roy Amara ooit zei: we neigen de impact van technologie op de korte termijn te overschatten en op de lange termijn te onderschatten.
Meer zoals China
Ook het feit dat Silicon Valley zo zwaar inzet op superintelligentie kan op kritiek rekenen. Volgens voormalig Google-topman tegenwoordig AI-adept Eric Schmidt zouden OpenAI, Microsoft, Meta, Nvidia en Anthropic zich beter richten op AI waar we nú wat aan hebben, zoals de Chinezen doen. In plaats van ingrijpende revoluties verkondigen, waardoor de hype verder groeit en de scepsis onder het bredere publiek alleen maar toeneemt, zouden ze volgens Schmidt AI meer moeten zien en presenteren als normale technologie. “Pas wanneer een technologie uiteindelijk gemeengoed wordt, gaat hij daadwerkelijk verandering teweeg brengen.”
Spiegel
Twee sectoren die volgens diverse rapporten bovengemiddeld gevoelig zijn voor AI disruptie zijn tech en media. Hm, laat Bright nou net op de kruising daarvan liggen. Toch maak ik mij geen zorgen. Content an sich is niet ‘king’, curatie is. Voormalig NY Times columnist JC Herz schreef ooit: “Style is the most sophisticated form of information sorting.” Dat is wat wij als redactie in essentie doen: sorteren en selecteren. Onze smaak daarbij is gezichtsbepalend.
Publicist Stephanie Tyler gaat nog iets verder en noemt smaak de nieuwe intelligentie. “Niet smaak in de oppervlakkige zin van het woord – geen trendjagen, geen esthetische nabootsing, geen duur minimalisme omwille van status. Echte smaak. Het soort dat samenhang signaleert. Duidelijkheid. Het vermogen om te kiezen wat ertoe doet in een wereld die verdrinkt in wat er niet toe doet.”




