©Bright

©Bright

Duurtest Porsche Macan Turbo: geweldige auto, maar voor wie?

PRAAT MEE!

Vier weken lang reden we in de eerste elektrische Porsche die geen Taycan heet. We maakten kennis met de Macan Turbo, een auto die de zware taak heeft om het Porsche-DNA te bewijzen in het populairste, maar voor puristen ook meest verguisde segment: de elektrische SUV. De vraag was simpel: voelt dit nog als een Porsche?

Het antwoord, na honderden kilometers, is een volmondig ja. Zodra je instapt, voel je het. De bouten lijken harder aangedraaid en de stoelen grijpen je vast. Maar het bewijs zit in het rijden. Porsche heeft elke technologische troef ingezet om de nadelen van een hoge, zware SUV te maskeren. De luchtvering, de optionele achterasbesturing en het gevoel in stuur en pedaal zorgen voor een rijervaring die verbluffend is voor een auto van dit formaat.

Ja, het is een SUV, maar hij duikt een bocht in met een precisie die je normaal alleen in een sportsedan vindt. Trap je het pedaal in, dan is er die bekende EV-raketlancering, maar met een edge. Porsche geeft je net dat beetje wielspin, dat kleine nerveuze trekje in het onderstel, dat je eraan herinnert dat je een machine aan het besturen bent en niet andersom.

Het laden: De EV-stress voorbij

Een Porsche moet niet alleen snel rijden, hij moet ook snel laden. De Macan laat zien wat een 800-volt architectuur waard is. We zagen laadsnelheden die de belofte van 10 naar 80 procent in ongeveer 21 minuten waarmaken. Dat is geen 'even een kop koffie doen', dat is 'snel naar het toilet en weer door'.

De "wonderlijke missers"

Is de auto perfect? Zeker niet. Voor een merk dat zo geobsedeerd is door ergonomie, is het een wonderlijke misser dat het stuur, in de ideale rally-positie (laag en dichtbij), het digitale instrumentenpaneel deels blokkeert. Je kunt de kilometerteller zien als je die centraal in het scherm hebt. Maar als je de kaartweergave kiest achter het stuur, dan verdwijnt de kilometerteller naar boven, achter de rand van het stuur. Dat instrumentenpaneel zelf mist de klassieke vijf klokken (ook in digitale vorm). We staren we nu naar een wat leeg, gebogen scherm.

Het infotainmentsysteem is snel en we juichen om de fysieke knoppen voor de klimaatregeling. Die maken het bedienen makkelijker en veiliger. Gek genoeg vonden we nog wel wat software-eigenaardigheden, zoals de rijmodus-knop die op twee schermen verschillende opties geeft. Als je hem met de knop op het stuur bedient kun je naar een off-road modus. Maar als je de knoppen op het middenscherm kiest, kun je voor Sport Plus kiezen.

Het vonnis

Uiteindelijk komt het allemaal neer op de prijs. De Macan Turbo begint bij €122.900. Ons (nog niet eens volgeladen) testmodel tikte de €144.000 aan. En voor dat geld misten we 'gewone' zaken als adaptieve cruise control. De Macan is niet voor de purist; die rijdt 911. De Macan is voor de 90% van de klanten die toch al een SUV kocht. Voor hen heeft Porsche een heerlijke auto afgeleverd. Je verliest de roffel van de zescilinder, maar je wint een absurde, altijd beschikbare kracht en een laadsnelheid die de concurrentie ver achter zich laat. Het is zonder twijfel de best sturende elektrische SUV op de markt. Een auto die je elke bocht laat voelen dat je leeft. Of die superieure rijervaring en dat Porsche-logo de prijs van twee Hyundai Ioniq 5's waard zijn? Dat is een vraag die alleen jij kan beantwoorden. Als ik het geld zou hebben, zou ik proberen mij en mijn gezin in de fraaiere Taycan te proppen. Of ik ging voor de net zo hilarische, maar veel goedkopere Hyundai Ioniq 5N.

Rutger test elke maand een andere auto, volg het in de Bright Duurtest.