© Wesley Akkerman

Tegen de verwachting in: smartphones krijgen gemiddeld meer opslagruimte
Ja, werkgeheugen en opslagchips worden steeds duur, maar toch hebben we goed nieuws als het gaat om de opslagcapaciteit voor smartphones. Waar experts eerst dachten dat fabrikanten zouden bezuinigen op dergelijke chips om de kosten te drukken, voorspelt onderzoeksbureau Trendforce nu een stijging van de gemiddelde opslag met bijna vijf procent.
Dit komt deels doordat die smartphonemakers stoppen met het maken van verouderde, kleine geheugenchips, maar de grootste drijfveer is de onstuitbare opkomst van AI op je toestel. Nieuwe smartphones draaien AI-functies namelijk steeds vaker lokaal in plaats van in de cloud, en dat vreet ruimte. AI-modellen hebben tussen de 40 en 60 GB aan opslag nodig om hun werk te kunnen doen. Je zou daarom kunnen spreken van een onverwacht voordeel.
Dit verklaart mogelijk waarom de iPhone 17 en de Samsung Galaxy S26 afscheid namen van de 128 GB-instapmodellen en nu standaard met tenminste 256 GB geleverd worden. Bij Huawei gaat het nog harder: daar is 512 GB de standaard voor de Mate 80-serie.
Meer ruimte, meer betalen
Zelfs in het budgetsegment verdwijnen de modellen met weinig opslagruimte langzaam uit de schappen, omdat de winstmarges te klein zijn voor fabrikanten. De verwachting is dat de 128 GB-variant tegen het einde van 2026 vrijwel volledig verdwenen is. Dit lichtpuntje betekent mogelijk ook dat je altijd iets dieper in de buidel moet tasten voor de goedkoopste variant binnen een smartphoneserie, maar daar krijg je dus wel iets meer lokale opslagruimte voor terug.







