©NASA

NASA moet aan de bak om Voyager 1-sonde te sparen
Sinds 1977 deed dit instrument onafgebroken metingen, maar nu is hij uitgeschakeld. NASA heeft al meerdere instrumenten aan boord van Voyager 1 uitgeschakeld om zo energie te sparen en Voyager 1 zo lang mogelijk te kunnen gebruiken.
De sonde vliegt op 25 miljard kilometer afstand van onze planeet en dat maakt het het verste door de mens gemaakte object in de ruimte. Het apparaat helpt met data over de regio buiten de zons magnetische velden. Er is na die halve eeuw nog altijd contact met Voyager 1, die via het Deep Space Network data richting aarde stuurt. Voyager 1 heeft onder andere gezorgd dat er een dunne ring om Jupiter werd ontdekt, maar ook diverse nieuwe manen.
Voyager 1
Voyager 1 begint echter oud te worden en de energie binnen het apparaat kan niet eeuwig doorgaan. Daarom schakelt NASA steeds meer instrumenten uit. Nu is er een belangrijke uitgezet, namelijk het LECP: het Low-energy Charged Particles-experiment. Dat was nog niet de bedoeling, maar door een koerscorrectie op 27 februari moest NASA deze keuze maken. Het is niet zo dat het LECP nu voorgoed offline blijft: NASA wil met een oplossing komen om Voyager een langer leven te geven en dan zou het instrument ook weer aangezet kunnen worden.
NASA laat weten: "Hoewel het uitschakelen van een wetenschappelijk instrument voor niemand de voorkeur heeft, is het de best beschikbare optie," aldus Kareem Badaruddin, Voyager-missiemanager bij JPL. "Voyager 1 heeft nog twee werkende instrumenten over: één die plasmagolven registreert en één die magnetische velden meet. Ze werken nog uitstekend en sturen gegevens terug uit een gebied in de ruimte dat nog nooit door een ander door de mens gemaakt ruimtevaartuig is verkend. Het team blijft erop gericht om beide Voyagers zo lang mogelijk operationeel te houden."
NASA zette zeven keer eerder instrumenten uit aan boord om het leven van de verkenner zo lang mogelijk te maken. Het LECP werd vorig jaar al uitgeschakeld in Voyager 2.
















