©Project Enki

©Project Enki

AI in de Noordzee: Vattenfall onderzoekt datacenters op windstroom

Praat mee!

Vattenfall onderzoekt samen met datacenterbedrijf Project Enki of het AI-datacenters op zee kan bouwen. Die zouden dan rechtstreeks worden aangesloten op windparken. Zo kunnen zware AI-berekeningen draaien op duurzame stroom, zonder dat onze groeiende AI-honger het toch al overvolle elektriciteitsnet nog verder belast.

Vattenfall laat via een persbericht weten dat het hier nog niet gaat om concrete bouwplannen, maar om een onderzoek naar de haalbaarheid van zulke datacenters. Vattenfall en Project Enki kijken daarbij onder meer naar de techniek en de kosten, maar ook naar de maatschappelijke aspecten van dit project.

Voor dit onderzoek wordt bewust gekeken naar datacenters die bedoeld zijn voor zware AI-taken, zoals het trainen van grote modellen. Dat soort berekeningen vraagt enorm veel stroom, maar hoeft niet altijd op exact hetzelfde moment te gebeuren. Daardoor kan de rekenkracht beter worden afgestemd op de hoeveelheid windenergie die op dat moment beschikbaar is.

Waarom juist AI geschikt is voor op zee

Hoe hard er gerekend wordt, is dus afhankelijk van de hoeveelheid stroom die beschikbaar is. Waait het hard of is er op dat moment weinig vraag, dan kan zo’n datacenter meer werk verzetten. Is er minder wind, dan kunnen bepaalde berekeningen worden uitgesteld of op een lager pitje draaien.

Om die reden zijn zulke datacenters niet geschikt voor alle soorten digitale diensten. Clouddiensten moeten bijvoorbeeld vrijwel altijd direct beschikbaar zijn. Bij zware AI-berekeningen, zoals het trainen van modellen, is er vaak meer ruimte om rekentaken te plannen of tijdelijk te vertragen.

Datacenters bouwen zonder het stroomnet te belasten

Het grote voordeel daarvan is dat windstroom op zee direct gebruikt kan worden op de plek waar die wordt opgewekt. Die stroom hoeft dan niet eerst via het elektriciteitsnet naar land. Dat kan helpen om het overvolle stroomnet te ontlasten, zonder dat de afname ten koste gaat van huishoudens.

In theorie kan zo’n datacenter dus juist helpen bij netcongestie. Op momenten dat er veel windenergie beschikbaar is, kan een deel daarvan meteen worden gebruikt voor AI-rekenwerk. Daarmee wordt duurzame stroom beter benut, terwijl er minder extra druk op het elektriciteitsnet aan land komt te staan.

Een ander voordeel van bouwen op zee, is dat je omringd wordt door koelwater. Datacenters produceren veel warmte en moeten constant gekoeld worden. Op zee kan daarvoor dus zeewater worden gebruikt. Dat kan efficiënter zijn dan traditionele koeling aan land en voorkomt bovendien dat er extra druk komt te liggen op het gebruik van drinkwater.

Niet alleen voordelen voor AI op zee

Toch zijn er ook nog genoeg vragen en zorgen. Een datacenter op zee bouwen is technisch een stuk ingewikkelder dan een serverhal aan land neerzetten. De apparatuur moet bestand zijn tegen zout water, harde wind, stormen en hoge luchtvochtigheid. Ook onderhoud is lastiger, omdat monteurs niet zomaar even langs kunnen rijden als er iets kapotgaat. Als je dat bij elkaar optelt, is het nog maar de vraag of deze aanpak rendabel is.

En daarnaast is er nog het ecologische vraagstuk. Het is natuurlijk positief dat zo’n datacenter op duurzame stroom draait, maar er zijn ook zorgen over mogelijke milieuschade door de bouw en de aanwezigheid van datacenters op zee. Bovendien is het Noordzeegebied al voller dan veel mensen zouden willen. Dan gaat het niet alleen om het veranderende uitzicht vanaf het strand, maar ook om ruimte voor scheepvaart, visserij, natuurgebieden, windparken en kabels.

Een AI-datacenter op zee heeft op papier dus tal van voordelen, maar in de praktijk is het nog maar de vraag of het concept haalbaar én wenselijk is. Dat moeten Vattenfall en Project Enki de komende tijd verder onderzoeken.