©Apple

Oei: de eerste iPhone-prijsverhoging is hier
Voor het eerst in tijden heeft Apple de prijs van zijn iPhones verhoogd. Dat heeft niet zozeer met duurder geheugen of chips te maken, maar met valuta. De prijsverhoging is namelijk voor de Japanse markt.
De Japanse yen staat al langere tijd historisch laag ten opzichte van de dollar, en dat maakt geïmporteerde producten zoals iPhones een stuk duurder. Apple voelde zich genoodzaakt een prijsverhoging van ongeveer 10 procent door te voeren op iPhones in het Aziatische land.
Oude en nieuwe prijzen iPhone 17
De standaard iPhone 17 met 256 GB opslag kost in Japan nu ¥142800, omgerekend zo’n 768 euro. Dat was eerder nog ¥129.800 (circa 700 euro). Ook de duurdere Pro-modellen ontkomen er niet aan: de iPhone 17 Pro met dezelfde opslag gaat nu over de toonbank voor ¥194.800 (ongeveer 1.047 euro). Dat is een stijging van ruim 8 procent.
Lokale retailers verhoogden hun prijzen al eerder, nu volgt Apple zelf. Eerder dit jaar verhoogde Apple al wereldwijd de prijzen van Macs, iPads en de Vision Pro, mede door aanhoudende tekorten aan geheugenchips. Toen bleven iPhones, AirPods en Apple Watch nog buiten schot.
De verwachting is dan ook dat de nieuwe iPhone 18 die later dit jaar aangekondigd gaat worden een prijsverhoging krijgt. Niet omdat we in Europa ook te maken hebben met een nadelige wisselkoers, maar vanwege de eerder aangehaalde tekorten op geheugenchips. De prijsverhoging zal naar verwachting voor iPhones voor over de hele wereld gaan gelden.
Nog even terug naar Japan. Niet alleen de iPhone heeft daar een prijsverhoging gekregen. Sommige AirPods- en Apple Watch-modellen stijgen eveneens met zo’n 10 procent. Kortom, het brede aanbod van Apple-producten in het Aziatische land worden geraakt door deze prijsverhoging.

















