Dagelijks werden 200.000 kinderen van en naar de kinderopvang gebracht met stints.
Dagelijks werden 200.000 kinderen van en naar de kinderopvang gebracht met stints.
RTL Nieuws

Minister jokte over 'ongeval' met stint in Amsterdam

5 november 2018 15:44

Een incident met een stint in Amsterdam was wél doorslaggevend bij het verbod van de elektronische bolderkar. In een debat donderdagavond hield minister Cora van Nieuwenhuizen bij hoog en bij laag vol dat het vermeende ongeluk in Amsterdam geen grote rol speelde. Uit onderzoek van RTL Nieuws blijkt dat er cruciale informatie is achtergehouden.

Op 20 september, de dag van het stintongeluk in Oss waarbij vier kinderen om het leven komen, is er ook een incident met een stint in Amsterdam. Een medewerker van de betrokken kinderopvang belt ‘in een emotionele opwelling’ en met het ongeluk in Oss in het achterhoofd de politie.

De medewerkster vertelt over 'rem-en stopproblemen met een stint'. Op 28 september maakt de politie Oost-Brabant hiervan een proces-verbaal, en voegt toe dat een andere medewerker een stint niet tot stilstand kreeg, en de sleutel eruit haalde. Deze medewerker werd door politie en inspectie niet gehoord.

Ongeluk was 'de druppel'

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) krijgt het proces-verbaal op zaterdag 29 september binnen, en maakt ervan dat er een ‘ongeval’ heeft plaats gevonden, dat de stint ‘op hol is geslagen’ en dat dit 'de druppel' is.

Het is de 'trigger' voor alles wat die zaterdag gebeurt. Ook het ministerie van Cora van Nieuwenhuizen noemt het incident die zaterdag een 'ongeval' en bereidt samen met de inspectie die zaterdag spoedoverleg voor met de fabrikant.

Minister Cora van Nieuwenhuizen tijdens een debat over de stint.

Dat zal leiden tot 'maatregelen' die op basis van onjuiste informatie en interpretatie van het incident in Amsterdam worden genomen. Van Nieuwenhuizen kondigt op maandag 1 oktober aan dat alle stints, waarmee dagelijks 200.000 kinderen van en naar de kinderopvang worden gebracht, van de weg te moeten.  

Met melding aan de haal

Cruciaal is dat de betrokken kinderopvang al direct liet weten het oneens te zijn met de ILT, en hoe die met de melding 'aan de haal' ging. De medewerkster en directeur van de kinderopvang hebben op 1 oktober een aanvullende verklaring hierover afgelegd tegenover de politie.

Eigenaar kinderopvang gaf haar ongenoegen aan in een Whatsappconversatie

Die verklaring werd op 3 oktober vastgelegd. Het ministerie zei tot woensdag 31 oktober, precies vier weken later, dat die cruciale aanvullende verklaring hen niet bekend was. Pas die avond werd de verklaring alsnog naar de Kamer gestuurd.

Al deze contacten en overleg op die zaterdag tussen het ministerie en inspectie zijn weggelaten uit het feitenrelaas dat minister Van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) afgelopen vrijdagavond naar de Tweede Kamer stuurde.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

D-day stint: 'Op hol geslagen. Ongeval. Te belangrijk. Nu overleg. Veel sterkte'

Ook wordt in dat feitenrelaas weggelaten dat het ministerie telefonisch op 12 oktober (en schriftelijk al op 15, 17, 18 oktober) is gewezen op het ‘aanvullend proces-verbaal’ dat op 1 oktober is opgenomen, en waarin de melding van de kinderopvang in Amsterdam wordt genuanceerd.

Geen grote rol

Van Nieuwenhuizen zei afgelopen donderdagavond in de Tweede Kamer dat het ministerie pas op 27 oktober ontdekte dat er zo’n aanvullend proces-verbaal was. En dat het incident in Amsterdam juist geen grote rol speelde.

Alle partijen in de Tweede Kamer hebben er begrip voor dat de minister vanwege twijfel en 'potentiële veiligheidsrisico’s' op 1 oktober de stint uit voorzorg van de weg liet halen. Maar er bestaat inmiddels grote twijfel over de onderbouwing van het besluit, en de zorgvuldigheid waarmee de beslissing is genomen.

Oppositie kritisch

Het feitenrelaas waar de minister donderdag mee kwam, was juist bedoeld om de grote argwaan van de oppositie weg te nemen, en te voorkomen dat een motie van wantrouwen tegen de minister van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) zou worden ingediend.

De oppositie in de Tweede Kamer reageert dan ook scherp op de nieuwe onthullingen. "De minister heeft de Tweede Kamer nogmaals onjuist geïnformeerd”, zegt SP-Kamerlid Cem Lacin. PVV-Kamerlid Roy van Aalst wijst erop dat het feitenrelaas juist bedoeld was om onduidelijkheden weg te nemen. "Het is erg teleurstellend als blijkt dat het niet klopt." 

Christine Teunissen van de Partij voor de Dieren: "Het heeft er schijn van dat de minister informatie die niet paste in haar voornemen de stint te verbieden, heeft achtergehouden voor de Kamer.” Daardoor is de controle op een 'omstreden besluit' bemoeilijkt: "Dat is ernstig en zal een belangrijke rol spelen in het debat." 

De Kamer debatteert morgen met de minister.

Fabrikant stint failliet: 'Van troetelbeer werden we paria'

In een interview met RTL Nieuws kondigde de directeur van Stint het faillissement aan.

Het ministerie van IenW bevestigt in een formele reactie aan RTL Nieuws dat het departement en de minister zelf nauw betrokken waren bij alle stappen die zaterdag 28 september, na het omstreden proces-verbaal, in gang zijn gezet. Ministerie en inspectie houden vol dat zij niet eerder wisten van het bestaan van een ‘aanvullend proces-verbaal’. Het Openbaar Ministerie, dat leiding geeft aan de politie Oost-Brabant, heeft het College van procureurs-generaal geïnformeerd over de verklaringen van politie en inspectie.

Alle reacties zijn hier te lezen (.pdf).