© Unsplash

© Unsplash

We gebruiken AI massaal en klagen er massaal over. Er moet iets veranderen

Update: 27 juli 2026 om 21:59
Praat mee!
Redacteur

In december 2024 gebruikte 47 procent van de Nederlanders AI in zijn of haar persoonlijke leven. In februari van dit jaar was dat 65 procent. Op het werk ging het in diezelfde periode van 26 naar 41 procent. Maar hoewel we met z'n allen steeds meer AI gebruiken, worden steeds meer mensen boos.

Bij Gen Z is het contrast het grootst. Maar liefst negen op de tien Gen Z’ers gebruikt AI. Slechts iets meer dan de helft vindt dat een goede zaak.

We doen dus massaal iets waar steeds meer van ons zich ongemakkelijk bij voelen. Dat is een teken dat we het gesprek over deze technologie te hard hebben overgelaten aan twee partijen die er het minst eerlijk over kunnen zijn: de bedrijven die het verkopen en de mensen die er helemaal tegen zijn.

Ik heb aan die tweede stapel meegeschreven. Op deze site schreef ik dat één AI-supercomputer in 2030 evenveel stroom zou kunnen gebruiken als negen miljoen huishoudens. Elders berichtte ik over onderzoek van de Vrije Universiteit Amsterdam dat AI-systemen in 2025 tussen 33 en 80 miljoen ton CO2 hebben uitgestoten. Laten we maar zwijgen over het waterverbruik.

Die stukken kloppen nog steeds en ik zou ze morgen zo opnieuw schrijven. Maar inmiddels lees ik ze ook terug als onderdeel van een groter probleem, namelijk dat we in de media vaak vergeten wat er intussen daadwerkelijk wordt gebouwd met AI. De positieve verhalen komen zelden aan bod. Ik heb daar zelf aan bijgedragen. Dat was de aanleiding om dit stuk te schrijven.

Toch eerst de rekening presenteren

Datacenters verbruikten in 2024 wereldwijd zo'n 415 terawattuur, ongeveer 1,5 procent van alle stroom op aarde. Tegen 2030 gaat dat volgens het Internationaal Energieagentschap (IEA) naar ongeveer 945 terawattuur. Dat is ruwweg wat Japan in een jaar verbruikt en het betekent een groei van zo'n 15 procent per jaar. Ook in Nederland zijn datacenters al goed voor enkele procenten van het totale stroomverbruik en netbeheerders kunnen het niet bijhouden.

Datacenters verbruikten vorig jaar ook zo'n 814 miljard liter water. Interessant detail dat je zelden hoort: ongeveer driekwart daarvan wordt niet gebruikt om servers te koelen, maar wordt gebruikt om energie op te wekken voor datacenters.

Dan is er de impact op de jobmarkt. Onderzoek van onder meer het Stanford Digital Economy Lab en Harvard toont aan dat bedrijven die actief AI inzetten 6 tot 20 procent minder 22- tot 25-jarigen in dienst nemen, pas afgestudeerden dus, ten opzichte van 2022. In Nederland daalde het aantal startersvacatures in juridische dienstverlening, administratie en marketing met 30 tot meer dan 40 procent, afhankelijk van de sector.

Dat is niet alles, maar je snapt het punt. AI consumeert veel en vooral veel jongeren (die opgegroeid zijn tijdens de covidperiode, dan in economisch moeilijke tijden aan hun carrière begonnen en later ook nog eens de klimaatrekening gepresenteerd gaan krijgen) zijn niet blij nu ze niet aan een baan geraken. Het is niet meer dan logisch dat vooral zij boos zijn.

Maar we meten het verkeerde

Zet die cijfers nu eens naast iets anders. De wereldwijde cementindustrie is goed voor zeven procent van alle CO2-uitstoot door de mens, ongeveer 2,9 miljard ton per jaar. Dat cijfer verdubbelde in twintig jaar. Staal zit rond de negen procent; als de staalsector een land was, was het na China en de VS de grootste uitstoter ter wereld. De internationale scheepvaart is goed voor drie procent.