
© Rocket Lab
Iedereen kent SpaceX. Bijna niemand kent de nummer twee
Het Nieuw-Zeelandse ruimtevaartbedrijf Rocket Lab heeft een lanceerbasis ontworpen die volledig in een standaard zeecontainer past. Het bedrijf kan zo in theorie overal ter wereld lanceren. En zo wordt het stilaan een van de belangrijkste ruimtevaartbedrijven op aarde.
In zo’n container zit niet alleen de raket zelf, maar ook het lanceerplatform, grondapparatuur en de systemen die nodig zijn om te vlucht te volgen en eventueel af te breken als er iets mis zou lopen. Een alles-in-één lanceerpakket dus, dat je kunt verplaatsen met een vrachtwagen of een schip. Het systeem heet GHOST, wat staat voor Global Hypersonic & Orbital Spaceport Technology.
Het systeem is compatibel met twee raketten van het bedrijf, de Electron en de HASTE. De eerste raket brengt kleine ladingen in een baan om de aarde. De HASTE kan dat niet. Die kleine raket dient vooral om tests uit te voeren aan hypersonische snelheden.
Rocket Lab ontwikkelt het systeem volgens Space.com omdat een klant zou hebben gevraagd of Rocket Lab niet wat mobieler kon zijn. Het bedrijf mikt met GHOST dan ook vooral op defensie en op overheden die zelf raketten willen kunnen lanceren zonder daarvoor een permanente basis te bouwen.
De eerste GHOST wordt geplaatst in Kodiak, een plaats in Alaska. Er zullen twee lanceerplatformen worden geplaatst. Het debuut staat gepland voor volgend jaar. Rocket Lab zal dan in totaal zes lanceerplatformen hebben. De andere staan in de Amerikaanse staat Virginia en in Nieuw-Zeeland.