
Thuis in een hotel
Een stapeling van tientallen losse huisjes in Zaanse stijl vormt het Inntel Hotel, ontworpen door WAM architecten.
Het Inntel Hotel is het eerste opgeleverde gebouw in het
nieuwe stadsplan dat het centrum en het stationsgebied van Zaandam ingrijpend moet veranderen. Dat gebeurt onder meer door herstel van het historische stratenpatroon, de reconstructie van een gracht en de verbinding van twee stadsdelen aan weerszijden van het spoor door een verbouwing.
Molenaar & van Winden architecten/ WAM architecten
Het 160 kamers tellende hotel heeft een bar-restaurant, zwembad, vergaderaccommodatie, een wellnesscentrum, een Finse sauna en een Turks stoombad. De vrijwel vierkante hoteltoren is bijna veertig meter hoog en telt twaalf verdiepingen. De expressieve gevel heeft gevarieerde raampartijen, brede uitbouwen, erkers en sierlijke witte kroonlijsten en windveren.
Het ontwerp staat model voor Fusionarchitectuur: het verbinden van heden met verleden, oftewel traditie met vernieuwing. ‘Fusion is geen stijl maar een houding; een strategie van de open geest die geen taboes aanvaardt en een mengeling van stijlen gebruikt om daarmee iets nieuws te creëren', vindt de architect. ‘In deze tijd van diversiteit moet dat kunnen, afgezet tegen de rigiditeit van historiserende architectuur, modernisme of neo-modernisme.'
Een soort zap-architectuur, dus? ‘Zo zou ik het niet noemen', zegt Van Winden, die als de eerste architect in Nederland deze vorm van architectuur hanteert en het boek Fusion schreef dat over enkele maanden bij Uitgeverij SUN verschijnt. ‘Er is wel degelijk over nagedacht. Zo moet een architectonisch werk bijvoorbeeld goed op de plek passen waar het wordt gevestigd. Zie het als een mengeling van high en low culture, maar dan met eerbied voor de locatie en de wensen van de opdrachtgever.'
Foto voorpagina: Roel Backaert; © ontwerp: Molenaar & van Winden/ WAM architecten